Operation Manual

26
GEDEELTELIJK OPENEN
Deze functie zal de poort afhankelijk van de instelling gedeeltelijk of hele-
maal openen. Toepassingsvoorbeeld: ventilatie, zijdeur van sectionaal-
poort openen.
Het gedeeltelijk openen van de poort is zowel via twee knoppen als via de
afstandsbediening mogelijk. Bij bedrijf met de afstandsbediening staat de
veiligheidsaansluiting (26) klem 1+2 ook ter beschikking.
Door op knop 2 te drukken, gaat de poort vanuit gesloten stand gedeelte-
lijk open. Indien de poort reeds helemaal of gedeeltelijk open staat, wordt
de poort gesloten als nogmaals op knop 2 wordt gedrukt. Met knop 1
wordt de deur helemaal geopend, ook als de deur vooraf via knop 2 ge-
deeltelijk werd geopend.
Instellingen
1 Poort sluiten
2 Programmeren van kanaal 2
- Programmeer knop 2 van de afstandsbediening op kanaal 2 van de
ontvanger (zie onder R)
3 Zet de DIP-Schakelaar 2 in de positie “ON”: Pas de werking van de vei-
ligheidsaansluiting aan.
- alleen wanneer 2 knoppen zijn aangesloten, in het andere geval kan
de veiligheidsaansluiting (aansluiting 1 + 2) bijv. voor een fotocel
worden benut.
4 Zet DIP-Schakelaar 8 in positie “ON” (gedeeltelijk openen actief)
Werking
Druk op knop 2 van de afstandsbediening of druk op drukknop 2 (de
poort gaat open vanuit eindstand “DICHT” te openen.
- De poort gaat open tot knop 2 van de afstandsbediening of drukknop
2 voor de tweede keer wordt ingedrukt, of tot de poort de eindstand
“POORT OPEN” heeft bereikt.
Druk op knop 2 van de afstandsbediening of druk op drukknop 2 tot de
gewenste positie is bereikt.
Sluit hierna de poort met knop 2 van de afstandsbediening of met scha-
kelaar 2.
Nu is de gewenste poortopening in het geheugen opgeslagen en kan
knop 2 van de afstandsbediening of drukknop 2 worden geactiveerd.
Om de functie gedeeltelijk open uit te schakelen kan de DIP-schakelaar 8
in de stand “OFF” worden gezet.
2-KANAALSBEDRIJF (GEPROGRAMMEERD OPENEN EN SLUITEN)
Knop 1/zendkanaal 1 opent en knop 2/zendkanaal 2 sluit de poort.
De afstandsbediening en de drukknoppen kunnen ook worden gebruikt
voor bedrijf met 2 kanalen. Indien het 2-kanaalsbedrijf alleen via de
afstandsbediening wordt geregeld, staat de veiligheidsaansluiting nog
steeds ter beschikking.
Instellingen
1 DIP schakelaar 2 alleen in stand “ON” zetten als drukknop 2 is aange-
sloten.
2 Zet DIP-Schakelaar 7 in de positie “ON”:
3 Zet DIP-Schakelaar 8 in positie “OFF”:
4 Programmeer nu de tweede knop van de afstandsbediening op zendka-
naal 2.
POORTSTATUSINDICATIE
Indien er een waarschuwingslicht is aangesloten, zal dit licht aangeven of
de poort open of dicht is. Het waarschuwingslicht brandt wanneer de
poort niet “DICHT” is.
Instellingen
1 Zet DIP-Schakelaar 4 in positie “ON”:
2 Sluit het 24 V waarschuwingslicht aan op aansluiting 5 + 6 (zie bovens-
taande aanwijzingen).
EXTRA INFORMATIE
1 Lichtdiode (29) toont de status van de besturingseenheid. Wanneer de
lichtdiode knippert is geen krachtwaarde geprogrammeerd. Bij normaal
bedrijf doet deze lichtdiode dienst op dezelfde manier als een aangeslo-
ten waarschuwingslamp.
2 Draadbrug (31): Indien bedrijf zonder softstart/softstop gewenst is, moet
de draadbrug worden doorgeknipt. Hierdoor wordt de functie soft-
start/softstop functie buiten werking gesteld.
Alfternatief: Deze functie kan ook met de TorMinal ingesteld worden, zie
U.
U
INTERFACE TORMINAL (32)
alleen voor APERTO 868 L en APERTO 868 LX.
Programmeringseenheid voor individuele programmering van de L-bestu-
ring. Voor meer informatie wordt verwezen naar de TorMinal gebruiksaan-
wijzing.
IV. ONDERHOUD
Sterk verontreinigde kettingen en kettingkanalen reinigen met een doek.
Ketting één keer per jaar licht smeren met geleidende olie (contact 40).
Gebruik geen vet, olie of een ander dan het voorgeschreven smeermid-
del!!!
Controleer of alle schroeven en bouten aangehaald zijn. Haal aan indien
nodig.
De juiste werking van de veiligheidsvoorzieningen moet regelmatig wor-
den gecontroleerd, in ieder geval minstens 1 keer per jaar.
De juiste werking van de poort moet minstens 1 keer per jaar volgens de
aanwijzingen van de fabrikant worden gecontroleerd.
Regelmatige controles:
a) Stopfunctie: Het deurblad tijdens het openen en sluiten tegenhouden.
De poort dient reeds bij lichte weerstand te stoppen.
b) Noodbediening: De poort moet eenvoudig met de hand kunnen wor-
den ontgrendeld.
c) Fotocellen, indien van toepassing: Poort openen/sluiten en de licht-
straal onderbreken. Controleer of de functie overeenkomt met de
ingestelde parameters van de DIL-schakelaar.
DEMONTEREN
Het demonteren gebeurt in omgekeerde volgorde van de werkbe-
schrijving in het hoofdstuk “Installatie”. De daar beschreven instelproce-
dure is niet van toepassing.
GARANTIE EN SERVICE
Neem contact op met uw dealer indien u service, reserveonderdelen of
accessoires nodig heeft.
Opm.: Indien de netkabel van een aandrijving van het type 800 N bescha-
digd is, moet het apparaat aan de fabrikant worden geretourneerd (de net-
kabel kan niet vervangen worden).