Operation Manual
41
Om uw labels te rangschikken
1. Voer de tekst voor uw label in.
2. Bepaal het aantal labels dat u wenst af te
drukken, zoals beschreven in Meerdere
kopieën afdrukken op pagina 40.
3. Kies
8
+
G
.
Een label met een vaste lengte
afdrukken
Normaal gesproken wordt de lengte van het label
bepaald door de lengte van de ingevoerde tekst.
Toch kan het zijn dat u een label wenst te maken
voor een specifiek doel met een vaste lengte,
ongeacht de lengte van de tekst.
U kunt een vaste lengte voor een label specificeren
tussen 40 mm (1,5”) en 400 mm (15,0”) met
stappen van telkens 2 mm (0,1”). De vooraf
ingestelde vaste lengte is 100 mm (4,0”). Ongeacht
welke verandering u aanbrengt aan de vaste
lengte, deze blijft van kracht tot u haar opnieuw
verandert.
Om de labellengte in te stellen
1. Druk op
8
+
W
.
2. Kies ON om de vaste lengte aan te zetten.
3. Druk op de pijltoets omhoog om de lengte te
vergroten.
4. Druk op de pijltoets omlaag om de lengte te
verkleinen.
5. Druk op om de vaste lengte in te stellen.
6. Nadat u het label afgedrukt heeft, herhaalt u
stap 1 en zet u de vaste lengte UIT; anders
zullen alle volgende labels afgedrukt worden
met een vaste lengte.
Labels met streepjescode
afdrukken
De labelmaker kan streepjescodes in zes
standaardformaten afdrukken: UPC A, UPC E,
EAN8, EAN13, CODE-39, en CODE-128. U kunt
een streepjescode enkel afdrukken op labeltape
van 19 mm (3/4”); en per label kunt u slechts één
streepjescode afdrukken.
De streepjescode wordt horizontaal op het label
afgedrukt met de tekst in kleine druk eronder. U
kunt optioneel tekst toevoegen vóór en achter de
streepjescode. Of u kunt tekst toevoegen boven of
onder de streepjescode door een label met twee
regels te creëren. Zie Labels met meerdere
regels creëren op pagina 38.
4 van de standaard streepjescodes vereisen een
vast aantal tekens om de streepjescode te kunnen
aanmaken: EAN-8, EAN-13, UPC-A en UPC-E. Bij
CODE-39- en CODE-128-streepjescodes kan een
variabel aantal tekens ingevoerd worden.
Om een streepjescode te bepalen
1. Druk op .
2. Kies Streepjescode bepalen en druk op .
3. Gebruik de pijltoetsen om het type
streepjescode te kiezen en druk op .
4. Eén of meerdere vraagtekens verschijnen
tussen de streepjescodesymbolen ( ).
Bij sommige types kunt u een 0 uiterst rechts
zien. Dit is een controlegetal en zal vervangen
worden door een getal als de gegevens voor de
streepjescode ingevoerd worden.
5. Voer de gegevens voor de streepjescode in –
deze zullen de vraagtekens vervangen – en druk
op wanneer u klaar bent.
Om een streepjescode toe te voegen
1. Voer de tekst in die u vóór de streepjescode op
het label wilt zien verschijnen. (optioneel)
2. Druk op .
3. Gebruik de pijltoetsen om Streepjescode
toevoegen te kiezen en druk op .
4. Voer een willekeurige tekst in die u na de
streepjescode wilt zien verschijnen. (Optioneel)
OK
Settings
Memory
OK
OK
???????0
OK
Insert
OK










