Operation Manual

De printersoftware voor Macintosh gebruiken 101
4
4
4
4
4
4
4
4
4
4
4
4
Printerinstellingen wijzigen
Instelling voor afdrukkwaliteit opgeven
De kwaliteit van afdrukken kunt u aanpassen met instellingen in
de printerdriver. Met de printerdriver kunt u afdrukinstellingen
opgeven door een keuze te maken uit een lijst met
voorgedefinieerde instellingen of door instellingen aan te passen.
Afdrukkwaliteit opgeven met de instelling Automatic
(Automatisch)
U kunt de afdrukkwaliteit aanpassen waardoor u sneller of
gedetailleerder kunt afdrukken. U kunt op twee resoluties
afdrukken: 300 dpi en 600 dpi. Met 600 dpi krijgt u zeer
nauwkeurige afdrukken met hoge kwaliteit. Er is echter meer
geheugen nodig en de afdruksnelheid wordt verminderd.
Als u Automatic (Automatisch) in het dialoogvenster Basic
Settings (Basisinstellingen) hebt geselecteerd, wordt de printer
ingesteld op basis van de kleurinstellingen die u selecteert. U
hoeft alleen de kleur en resolutie in te stellen. U kunt andere
instellingen, zoals het papierformaat of de afdrukstand, wijzigen
in de meeste toepassingen.
Opmerking:
Raadpleeg de Help bij de printerdriver voor meer informatie over de
beschikbare instellingen.
Voor gebruikers van Mac OS X
1. Open het dialoogvenster Print.
2. Selecteer Printer Settings (Printerinstellingen) in de
vervolgkeuzelijst en klik op het tabblad Basic Settings
(Basisinstellingen).