Operating Instructions

100
Scherpstelling, helderheid (belichting) en kleurtintinstellingen
Foto’s maken met automatische scherpstelling
De positie en grootte van het AF-gebied wijzigen
Opnamemodus:
Wanneer [ ], [ ], [ ] of [ ] in de automatische scherpstelmodus is geselecteerd,
kunt u de positie en grootte van het AF-gebied wijzigen. Met [ ] kunt u de
vergrendelingspositie handmatig instellen.
• U kunt het scherm voor instelling van het AF-gebied ook weergeven door het
opnamescherm aan te raken. (Wanneer [Touch AF] in [Touch inst.] van het menu
[Voorkeuze] ([Bediening]) is ingesteld op [AF].)
Voer deze bedieningsfuncties uit met de aanraaksluiterfunctie uitgeschakeld.
Wanneer u [Meetfunctie] instelt op [ ] (scherpstellen op spot), beweegt het meetdoel mee met
het AF-gebied.
De positie en de grootte van het AF-gebied kunnen niet worden gewijzigd in het digitale zoombereik.
Wanneer u [ ] / [ ] / [ ] selecteert
→ [Opname] / [Bewegend beeld]→[AF mode]
Selecteer [ ], [ ] of [ ] en druk op
Het instelscherm voor AF-gebied verschijnt.
AF-gebied wijzigen
Bewerking
Aanraakbediening
Beschrijving
Aanraken De positie van het AF-gebied verplaatsen.
Spreiden/
knijpen
Hiermee vergroot/verkleint u het AF-gebied in kleine stappen.
*
Hiermee vergroot/verkleint u het AF-gebied in grote stappen.
*
[DISP.] [Reset]
Het AF-gebied terug naar het centrum verplaatsen.
Als u opnieuw op de knop drukt, wordt het formaat
teruggezet naar de oorspronkelijke instelling.
*
Niet beschikbaar wanneer [ ] is geselecteerd.
Druk op [MENU/SET]
AF-gebied met dezelfde functie als [ ] wordt weergegeven in de ingesteld positie wanneer
[
] is geselecteerd. De instelling van het AF-gebied wordt gewist wanneer op [MENU/SET]
wordt gedrukt of [
] wordt aangeraakt.